Donate now
August 2026

Care that adapts to every child

Stories

In het Kinderbuikcentrum van het Emma Kinderziekenhuis staat één ding centraal: kinderen en hun gezin zo goed mogelijk begeleiden in een leven dat vaak jarenlang door een maag-, darm- of leverziekte wordt beïnvloed. Verpleegkundig specialist Benaja de Feijter is daar dagelijks bij betrokken. Veel kinderen die hij ziet, groeien hier letterlijk op. Zorg en vertrouwen ontwikkelen zich stap voor stap met hen mee.

Met een carrière van bijna drie decennia in het Emma Kinderziekenhuis noemt Benaja de Feijter zichzelf een ‘meubelstukje’. Maar wel eentje die goud waard is, want hij is zowat op elke afdeling in het ziekenhuis werkzaam geweest en de kennis en kunde die hij vergaard heeft is niet in geld uit te drukken.

In zijn 27-jarige carrière in Amsterdam UMC heeft Benaja de Feijter op menig afdeling gewerkt. Een echte allrounder met hart voor de zaak dus. Het grootste gedeelte van zijn loopbaan heeft hij bij het Emma Kinderziekenhuis doorgebracht, waarvan de laatste tijd als verpleegkundig specialist. “Op jonge leeftijd wist ik al dat ik arts wilde worden. Echter, ik ben opgegroeid in Brazilië en toen ons gezin op een bepaald moment terugging naar Nederland, bleek dat mijn gedane opleiding achterliep op de Nederlandse standaard en wat er hier nodig werd geacht. Gelukkig adviseerde een docent mij om een hbo-opleiding tot verpleegkundige te gaan doen en dat lukte. In 1997, na mijn opleiding, werd ik door de afdeling kinderoncologie uitgenodigd om daar te komen werken. Dat heb ik anderhalf jaar gedaan. Daarna heb ik als kinderverpleegkundige op meerdere kinderafdelingen van het Emma gewerkt, waaronder ruim zestien jaar met hart en ziel op de Kinder-IC. Vervolgens heb ik gesolliciteerd om de opleiding te mogen doen van verpleegkundig specialist en ik werd aangenomen. Omdat ik leidinggeven ook heel erg leuk vind om te doen, heb ik tussendoor ook nog een managementopleiding gedaan.”

“De functie die ik nu bekleed als verpleegkundig specialist maag-darm-leverziekten zit een beetje tussen de verpleegkundigen en artsen in. De groep kinderen die ik mede verzorg, is heel uitdagend en we hebben er ongeveer vijftig onder onze hoede. Een groot gedeelte van die groep wordt helaas geboren met een maag-, darm- of leverziekte en dus zien wij ze hier vaak opgroeien. Tegelijk groeien wij ook met hen en de ouders mee. Zolang ze hier patiënt zijn, begeleiden wij de kinderen op weg, van fase tot fase. Soms voor vele jaren, en naargelang de tijd kan er natuurlijk veel veranderen. Het is soms wel echt op meerdere borden tegelijk schaken.” Dat geldt ook voor de ouders. “Kinderen die een chronische ziekte hebben, die leven daarvoor altijd mee en de ouders en het gezin ook. Veel ouders voeren thuis zelf ook de nodige zorgtaken uit en het is onze taak hen daarop ook voor te bereiden en te helpen en bij te staan waar nodig.”

Staat van dienst

“Als kinderen opgenomen worden, dan liggen ze over het algemeen op een van de afdelingen waar ik werk. Vaak ben ik onderdeel van het behandelteam. We hebben dagelijks met de artsen onderling contact. Dan sparren we even met elkaar hoe het gaat. Kunnen we kinderen naar huis sturen? Spelen er bepaalde belangrijke zaken? Elke dag is weer anders en dus is geen dag en geen patiënt hetzelfde. Dat maakt het des te uitdagender om hier te werken.” Benaja loopt al bijna drie decennia rond in het Emma en is dus een bekend gezicht. “Ik ben vaak een vast contactpersoon voor ouders, ze weten mij altijd te vinden en dat is heel fijn.” Vanwege zijn lange staat van dienst neemt Benaja ook graag een mentorrol op zich. “Ik wil het beste in anderen naar boven halen en aan degenen die dat willen, wat bijbrengen en onderwijzen, zodat ze elke dag weer beter functioneren. Een van mijn motto’s is: behandel anderen zoals je zelf behandeld wil worden. Als ik zorg nodig zou hebben, zou ik ook de beste zorg willen krijgen die er is en dus wil ik die ook aan anderen geven.

Morgen is vandaag

“De dag van vandaag bepaalt wel de dag van morgen. En wat je vandaag goed doet, dat kun je morgen oogsten. Daar bedoel ik ook mee: als je goed investeert in de kinderen en in de relatie met hen, maar ook met de ouders, dan zul je op een latere fase ook gewoon veel meer oogsten. Uiteraard heeft de ene patiënt wat meer zorg of uitleg nodig dan de ander en dat geldt ook voor de ouders. Maar je bouwt door de jaren heen een relatie op en deze onderhoud je. Alles is gerelateerd aan die relatie. Daarom is het eerste wat wij hier proberen te doen – als een kind en de ouders binnenkomen – om het vertrouwen te winnen. Dat vertrouwen moeten zij krijgen om te weten: als ik Benaja nodig heb, dan is hij er.” Een van de mooiste aspecten van zijn werk vindt hij de diversiteit. “Geen dag is hetzelfde. En hoe moeilijk het soms ook is met zieke kinderen, het blijven kinderen en ze zijn geweldig. Ze zijn altijd doodeerlijk en altijd zichzelf. Dat maakt het heel mooi om dit werk te doen. Daar komt bij: het Emma Kinderziekenhuis was de plek waar ik een kans kreeg en daar ben ik loyaal aan. Daarvoor ben ik de mensen eeuwig dankbaar en zodoende ook heel trouw aan deze plek.”