Donate now
October 2026

Bloedonderzoek om complicaties bij te vroeg geboren kinderen beter te voorspelen

Research

Jaarlijks draagt Stichting Steun Emma Kinderziekenhuis bij aan de start van vernieuwend wetenschappelijk onderzoek. De Wetenschappelijke Adviesraad (WAR) beoordeelt onderzoeksvoorstellen en selecteert projecten die kunnen bijdragen aan betere kinderzorg. Dit jaar behoort het onderzoek van Eva Smit naar het beter begrijpen van complicaties bij te vroeg geboren kinderen tot de vijf geselecteerde projecten.

Een kwetsbare start

Kinderen die veel te vroeg geboren worden, hebben vaak intensieve medische zorg nodig. Op de afdeling Intensive Care Neonatologie van het Emma Kinderziekenhuis worden deze pasgeborenen nauwlettend gevolgd en behandeld. Dankzij verbeteringen in de zorg zijn hun overlevingskansen de afgelopen jaren toegenomen.

Toch blijft het risico op ernstige complicaties groot. Te vroeg geboren kinderen kunnen bijvoorbeeld infecties, chronische longschade, hersenbloedingen of oogproblemen ontwikkelen. Waarom het ene kind een bepaalde complicatie krijgt en het andere niet, is nog onvoldoende duidelijk.

Om deze aandoeningen beter te begrijpen, is onderzoek naar de biologische processen in het lichaam nodig. Maar juist bij deze kwetsbare kinderen is het afnemen van extra bloed voor wetenschappelijk onderzoek niet vanzelfsprekend.

Meer ontdekken met bestaand materiaal

Onderzoeker Eva Smit wil daarom gebruikmaken van bloedmateriaal dat al eerder is afgenomen voor medische onderzoeken. Restmateriaal hiervan wordt, met toestemming van ouders, bewaard in de biobank van de afdeling Intensive Care Neonatologie.

Met een geavanceerde analysetechniek kan het onderzoeksteam honderden eiwitten tegelijk meten in een zeer kleine hoeveelheid bloedplasma. Eiwitten vervullen allerlei functies in het lichaam en kunnen informatie geven over veranderingen die optreden bij ziekte.

Voor dit onderzoek worden 1.400 plasmamonsters geanalyseerd van kinderen die vóór de dertigste zwangerschapsweek zijn geboren. De onderzoekers vergelijken de eiwitprofielen met medische gegevens, zoals de zwangerschapsduur, leeftijd en eventuele complicaties.

Zo willen zij ontdekken welke eiwitten of combinaties van eiwitten samenhangen met bepaalde aandoeningen.

In kaart brengen van ziekteprocessen

Door alle gegevens samen te brengen, ontstaat een zogenoemde pan-disease atlas: een uitgebreide kaart waarin biologische veranderingen bij verschillende aandoeningen met elkaar worden vergeleken.

Het bijzondere aan deze aanpak is dat onderzoekers niet slechts één complicatie bestuderen, maar meerdere ziektebeelden tegelijkertijd. Hierdoor kunnen zij beter onderscheiden welke veranderingen specifiek bij een bepaalde aandoening horen en welke ook bij andere complicaties voorkomen.

De onderzoekers hopen zo nieuwe aanwijzingen te vinden over het ontstaan en verloop van ziekten bij te vroeg geboren kinderen.

Eerdere herkenning en gerichtere zorg

Het onderzoek kan een belangrijke basis vormen voor toekomstige verbeteringen in de neonatale zorg. Door beter te begrijpen welke biologische processen betrokken zijn bij complicaties, kunnen onderzoekers mogelijk nieuwe aanknopingspunten vinden om risico’s eerder te herkennen.

Op langere termijn kan deze kennis bijdragen aan nieuwe manieren om complicaties te voorspellen, te voorkomen of gerichter te behandelen.

Het uiteindelijke doel is om de zorg voor te vroeg geboren kinderen verder te verbeteren, juist in de kwetsbare eerste periode van hun leven.