Voor het onderzoek kregen 33 kinderen uit verschillende landen vier jaar lang guanabenz, een bestaand bloeddrukmedicijn. Hun ziekteverloop werd vergeleken met dat van 66 kinderen met een vergelijkbare ernst van de ziekte die het middel niet kregen.
De kinderen die guanabenz gebruikten, werden minder vaak of minder snel afhankelijk van een rolstoel. Ook was op MRI-scans geen of een minder snelle achteruitgang van de witte stof zichtbaar. Tijdens de onderzoeksperiode overleed geen van de behandelde kinderen; in de vergelijkingsgroep overleden vijf kinderen. “Voor deze kinderen en hun ouders is dat een grote, hoopvolle stap”, aldus Marjo van der Knaap, hoogleraar kinderneurologie bij Amsterdam UMC.